Foto: Bart Van Overbeeke Fotografie

Eindhovense studenten ontwikkelen ijzeren alternatief voor industrieel gasverbruik

Studenten van de TU Eindhoven werken aan een duurzame technologie die een oplossing kan zijn voor industriële gasverbruikers: ijzerverbranding. De Eindhovense studenten bouwden hiervoor een proof-of-concept-installatie, die zowel warmte als elektriciteit genereert.

De TU-studenten beschouwen ijzerpoeder als een prima brandstof, zonder CO2-uitstoot, met volledig hergebruik van het restproduct. En er zijn hoge temperaturen haalbaar, wat voor veel industrieën belangrijk is. IJzerpoeder heeft volgens hen als brandstof de potentie een belangrijke plaats te gaan innemen in de toekomstige energievoorziening. Overtollige duurzame energie, bijvoorbeeld van zonnepanelen op zeer zonnige dagen, kan compact worden opgeslagen in ijzer door roest (ijzeroxide) om te zetten in ijzer. Dat ijzer kan later, wanneer energie nodig is, als brandstof dienen.

Alle ijzeroxide die na verbranding achterblijft, wordt opgevangen en weer gebruikt om energie in op te slaan. Het is dus een volledig circulair proces zonder CO2-uitstoot. De extra kosten zijn te overzien: de prijs van de belangrijkste kostenpost, de brandstof, zal bij toepassing op industriële schaal kunnen verdubbelen. Maar door de stijgende prijs om CO2 uit te mogen stoten zou de prijs op termijn zelfs lager uit kunnen komen.

De installatie van het Eindhovense Team Solid is de sluitsteen in dit circulaire proces. De studenten ontwikkelden, in samenwerking met de hoogleraren Philip de Goey (verbrandingstechnologie) en Niels Deen (meerfasenstromingen), een installatie die ijzer verbrandt en daarmee heet water, warmte en elektriciteit genereert. De rest van de cirkel bestaat al: de productie van ijzer en de recycling van roest zijn bestaande processen. Die draaien weliswaar nog op fossiele brandstoffen, maar de verwachting is dat dit plaats maakt voor duurzame technieken. In Zweden bijvoorbeeld bouwt Vattenfall een proeffabriek voor ijzerproductie met duurzaam geproduceerd waterstof in plaats van met gas of kolen. IJzer is er in overvloed: het is een van de meest voorkomende elementen op aarde.

De Eindhovense installatie heeft een vermogen van 20 kilowatt, vergelijkbaar met die van een gangbare cv-ketel. Een van de belangrijkste verworvenheden van het systeem is dat het snel kan reageren op een wisselende energievraag. Daarnaast is het systeem relatief gemakkelijk op te schalen. Met de hitte drijft het systeem een Stirlingmotor aan die elektriciteit opwekt. Ze genereert ook warme lucht en warm water.

Industriële partners gezocht

De volgende stap van het team wordt een mobiele, industriële ‘demonstrator’ met een vermogen van 100 kilowatt. Het team zoekt hiervoor industriële partners, die mee willen werken aan de ontwikkeling ervan.

Auteur: Koen Mortelmans

Koen Mortelmans is freelance redacteur voor FluxEnergie en Nieuwsblad Transport.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.