‘Nederland subsidieert fossiele sector jaarlijks met 7,6 miljard’

Hoewel de regering zegt dat het geen subsidie geeft aan fossiele brandstoffen, steunt Nederland de sector jaarlijks nog altijd met 7,6 miljard euro. Dat concluderen het Overseas Development Institute (ODI) en Climate Action Network Europe (CAN-Europe) in een gezamenlijk rapport. Ondanks hun toezegging om in 2020 alle subsidies aan de fossiele industrie te staken, zouden Europese overheidsinstanties jaarlijks nog altijd meer dan 112 miljard in de fossiele sector steken. 

Ruim 4.4 miljard euro van het Nederlandse geld zou bestaan uit directe steun via belastingregelingen en subsidies, met name voor de consumptie van fossiele producten. Daarnaast investeert Nederland 2.2 miljard euro via internationale publieke financiering en 946 miljoen via staatsbedrijven in olie en gas. Dat stellen het Overseas Development Institute (ODI) en Climate Action Network Europe (CAN-Europe) in een gezamenlijk rapport ‘Phase-out 2020 Monitoring Europe’s fossil fuel subsidies’ dat deze maand verscheen.

‘112 miljard belastinggeld naar fossiele sector’

Hoewel de Europese Unie milieuschadelijke subsidies voor 2020 wil beëindigen, steken de elf onderzochte EU-landen en de Europese instellingen jaarlijks nog steeds 112 miljard euro in de productie en consumptie van fossiele brandstoffen, concluderen de onderzoekers. De meeste landen, waaronder Nederland, hebben ondanks hun toezeggingen geen concrete plannen voor het afbouwen van hun fossiele-brandstoffensubsidies.

Eerder werden al kamervragen gesteld over een rapport van het Europees parlement – ‘Fossil Fuel Subsidies’ – waaruit zou blijken dat Nederland in 2015 10 miljard dollar in subsidies aan de fossiele industrie had gestoken. Nederland is juist ‘een van de koplopers binnen de OESO-landen’ reageerde toenmalig Minister Kamp daarop. “Fossiele brandstoffen worden in Nederland, in tegenstelling tot hernieuwbare energie, niet gesubsidieerd”, stelde hij daarbij, “ook niet via fiscale maatregelen.” Er zijn echter wel vrijstellingen uit het Verdrag van Chicago en de Akte van Mannheim, erkende hij, waarin accijnsvrijstellingen voor motorbrandstoffen voor de internationale luchtvaart en de internationale binnenvaart zijn geregeld.

Subsidies aan fossiele brandstoffen en elektriciteit op basis van fossiele brandstoffen in Nederland (miljoenen Euro, gemiddelde 2014-2016), Overseas Development Institute (ODI), september 2017, ‘Monitoring Europe’s fossil fuel subsidies: the Netherlands

Transport en export

Terwijl Kamp zei dat “met name in ontwikkelingslanden de prijzen voor motorbrandstoffen aan de pomp kunstmatig laag worden gehouden (maar) de motorbrandstoffen (in Nederland) juist relatief zwaar (worden) belast”,  concludeert het Overseas Development Institute (ODI) dat Nederland jaarlijks 3,5 miljard euro begrotingssteun geeft aan de consumptie van fossiele brandstoffen in de transportsector. Dat lijkt met name te gebeuren in de vorm van de genoemde belastingvrijstellingen: 2.1 miljard euro ging naar de luchtvaart en 1.4 miljard naar de vaart. Daarnaast hoeft geen belasting betaald te worden over internationaal passagiersverkeer via de lucht en via zee, constateren de onderzoekers.

Terwijl Kamp de degressieve tariefstructuur in de energiebelasting niet beschouwt als een vorm van subsidie, omdat die zowel voor fossiele als voor duurzame bronnen geldt, ontgaat dit ODI niet. “Hoewel de industrie verantwoordelijk is voor tachtig procent van de emissies, betaald het minder dan een een vijfde van de energiebelasting”, citeert het het CBS. Het Europese emissiehandelssysteem EU-ETS slaagt er niet in die balans te herstellen. Hoewel de resultaten niet meegenomen zijn in de data, wijst het ODI op onderzoek dat aantoont dat de veel te ruime toekenning van emissierechten voor energie-intensieve industrieën in Nederland neerkomt op een indirecte subsidie van 229.5 miljoen tussen 2008 en 2015.

Internationale banden

Hoewel de rapporteurs de FinancieringsMaatschappij voor Ontwikkelingslanden (FMO) prijst voor haar toezeggingen om een einde te maken aan haar directe financiering van overzeese koolwinning en de daarop gebaseerde elektriciteitsproductie, constateert het ook dat de FMO fossiele brandstoffen naar eigen zeggen wel steunt als er geen andere alternatieven voorhanden zijn. Bovendien steunt het wel projecten om bestaande infrastructuur te verbeteren. Sinds 2016 kwam 20 procent van haar wereldwijde portfolio ten goede aan projecten op het gebied van fossiele brandstoffen, waaraan de bank tussen 2014 en 2016 gemiddeld 67 miljoen per jaar uitgaf.

Ook de rol van exportkredietverstrekker Atradius Dutch State Business wordt gehekeld: tweederde van haar portfolio zou bestaan uit projecten die gelieerd zijn aan de fossiele industrie. Die zouden per jaar 1.8 miljard aan verzekeringen en garanties ontvangen. Atradius verkoopt exportkredietverzekeringen voor de Nederlandse Staat. Hoewel het bedrijf voornamelijk in Spaanse handen is, heeft het haar hoofdkantoor in Amsterdam.

Gas

Hoewel Nederland in 2012 de belastingvrijstelling voor het gebruik van kool voor elektriciteitsproductie afschafte, voerde het die in 2016 weer in, merkt ODI op. Nu geeft het naast de steun aan de consumptie van fossiele brandstoffen, jaarlijks 513 miljoen euro uit aan de productie van elektriciteit op basis van fossiele brandstoffen zoals gas. Naast non-financiële steun aan de gasindustrie, steunt de overheid die onder meer via verkoopgaranties, steun aan de gasrotonde en de productie LNG en via het staatsbedrijf Energie Beheer Nederland (EBN), stelt ODI. Zo komen ook gasgerelateerde projecten in aanmerking voor de Energie Investerings Aftrek (EIA), en werd er tussen 2014 en 2016 bijna 100 miljoen euro steun gegeven aan het gebruik van  brandstoffen in de tuinbouw.

Bronnen:

Foto: Paul Tolenaar

Auteur: Redactie

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.