160607 HAVENBEDRIJF ROTTERDAM

Rotterdam roept op tot coalitie voor gezamenlijke (hogere) CO2-prijs

Het Havenbedrijf Rotterdam roept de Nederlandse regering op om met andere Noordwest-Europese landen een coalitie te vormen voor de invoering van een gezamenlijke CO2-prijs.

CEO Allard Castelein pleit daarbij meer bepaald voor een veel hogere CO2-prijs. Hij wil met een aanzienlijke hogere CO2-prijs nieuwe investeringen in schone technologieën en innovatie stimuleren. “Een prijs in de range van 50-70 euro per ton CO2 stimuleert bedrijven om te investeren in oplossingen die we echt nodig hebben om de doelen uit het Klimaatakkoord van Parijs te realiseren,” zegt hij.

Daarbij waakt hij voor een ongelijk speelveld. “Ik ben geen voorstander van een solistische aanpak. Nederland is als doorvoerland sterk verbonden met ons omringende landen. Een Noordwest-Europese coalitie waarborgt een ‘level playing field’ voor de industrie.”

Naast de vorming van zo’n coalitie onderstreept het havenbedrijf het belang van een nieuw industriebeleid. “De overheid stuurt nu vooral op vermindering van broeikasgassen. Voor de overstap naar een nieuw energiesysteem moet je als overheid ook een integrale visie en bijpassend industriebeleid hebben voor de nieuwe economie, het toekomstige industrielandschap en wat voor R&D je daarvoor nodig hebt.”

Het havenindustriegebied Rotterdam/Moerdijk staat voor de opgave om tegen 2030 jaarlijks 20 miljoen ton CO2 te reduceren (-49% ten opzichte van 1990). Castelein is ervan overtuigd dat dit doel kan worden gerealiseerd: “We zijn in deze regio op tijd begonnen. In onze portfolio beschikken we nu over circa veertig projecten om de energietransitie vorm te geven. Het gaat daarbij zonder uitzondering om coalities van bedrijven die zich gezamenlijk inzetten voor de opdracht om én klimaatverandering een halt toe te roepen én een vitale haven van wereldklasse te behouden.”

95% minder broeikasgassen

De weg naar 2050 met een broeikasgasreductie van 95% acht hij ingrijpender. Volgens Castelein is hiervoor een radicale verandering nodig. “Nu wordt veelal gekeken naar end-of-pipe oplossingen voor een optimalisatie van het bestaande energiesysteem, richting 2050 gaat het echt om een radicale verandering van het systeem.”

Nieuwe onderzoekscijfers

Op de Energy in Transition Summit 2018 presenteerde het Rotterdamse havenbedrijf ook nieuwe onderzoekscijfers. Waar het Wuppertal Institut vorig jaar in opdracht van het havenbedrijf een studie verrichtte naar opties voor verduurzaming van de industrie in het havengebied, heeft het nu gekeken naar de sector transport en logistiek. Daaruit blijkt dat met transport over zee en in het achterland met Rotterdam als eind- of vertrekpunt jaarlijks circa 25 miljoen ton CO2 is gemoeid.

Het grootste deel hiervan (21,5 miljoen ton) kan aan zeetransport worden toegeschreven. Om ook deze sector te laten voldoen aan het Klimaatakkoord van Parijs dient de uitstoot in 2050 met 95% te zijn teruggebracht. Dit kan voor het eerste deel (tot 50%) op basis van efficiency, maar daarna moeten andere brandstoffen worden ingezet. Volgens het Wuppertal Institut kunnen lng en biofuels de komende decennia helpen om de transitie vorm te geven, maar het uiteindelijke doel kan alleen worden bereikt op basis van elektrificatie, waterstof en ook de inzet van synthetische brandstoffen zoals methanol.

Geld voor klimaatvriendelijke zee- en binnenvaart

Rotterdam wil zelf het voortouw nemen en kondigt een stimuleringsregeling aan van 5 miljoen euro voor scheepseigenaren en charteraars die experimenteren met low-carbon of zero-carbon brandstoffen voor een klimaatvriendelijke zeevaart. Voor de binnenvaart komt er een korting van 100% op binnenhavengeld wanneer wordt voldaan aan het platina label van Green Award (elektrisch of op brandstofcellen varen voor minimaal 50% van de tijd of 3 uur per dag).

Auteur: Koen Mortelmans

Koen Mortelmans is freelance redacteur voor FluxEnergie en Nieuwsblad Transport.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.