Duurzame energie: We doen steeds meer, maar het is niet genoeg

14 september 2016Gisteren hebben ECN, Energie-Nederland en Netbeheer Nederland gezamenlijk ‘Energietrends 2016’ gepubliceerd. Een schat aan nuttige informatie met een heldere conclusie: we doen steeds meer aan de verduurzaming van de Nederlandse energievoorziening, maar het is niet genoeg.

schermafdruk-2016-09-14-06-48-03

Uit een bericht van de afzenders
‘(…) In deze publicatie zijn cijfers over de energievoorziening in samenhang gepresenteerd. Energietrends biedt informatie over energiegebruik door consumenten en bedrijven, geeft inzage in de internationale energiehandel en –productie en biedt inzicht in de ontwikkelingen van de energienetten. Energietrends 2016 is een gezamenlijke uitgave van onderzoeksinstituut ECN en brancheorganisaties Energie-Nederland en Netbeheer Nederland.

Op weg naar een duurzaam energiesysteem
Energietrends laat zien dat de energievoorziening in Nederland steeds duurzamer wordt. Steeds meer partijen gaan met de energietransitie aan de slag. De energiebedrijven investeren in duurzame alternatieven voor fossiele energieproductie. De hoeveelheid zonnepanelen op daken blijft sterk groeien. Ook het aantal windturbines op land neemt toe. Het aandeel van hernieuwbare energiebronnen zal de komende jaren verder groeien door de inzet van biomassa en de aanleg van windparken op zee.

Tegelijkertijd is duidelijk dat er meer nodig is. In 2020 moet de CO2-uitstoot met 25% zijn gedaald ten opzichte van 1990. Daarnaast zal Nederland als gevolg van de verminderde aardgaswinning veel sneller dan voorzien op zoek moeten naar alternatieven voor de warmtevoorziening. Dit alles heeft gevolgen voor het hele energiesysteem: van productie, handel en levering tot en met het transport via de energienetten. Alle ontwikkelingen maken de energietransitie tot een omvangrijke taak, waarbij steeds meer mensen en organisaties zijn betrokken. (…)’

Uit de inleiding van Energietrends

‘(…) De energievoorziening in Nederland wordt steeds duurzamer, mede dankzij het Energieakkoord. Steeds meer partijen gaan met de energietransitie aan de slag. De eerste oudere kolencentrales zijn inmiddels gesloten, productie uit wind en zon nemen toe. De inzet is dat de gestelde doelen daardoor gehaald zullen worden. Toch is ook duidelijk dat er meer nodig is om klimaatverandering tegen te gaan: een belangrijke stap is het klimaatakkoord in Parijs, waarmee mondiaal de ambitie is vastgelegd de opwarming te beperken tot 2 graden en te streven naar niet meer dan 1,5 graad. Voor Nederland is de uitspraak in de Urgenda-zaak van minstens zo groot belang. De CO2-uitstoot moet volgens die uitspraak in 2020 al met 25% zijn gedaald ten opzichte van 1990. Tegelijkertijd zal Nederland als gevolg van de terugloop van de aardgaswinning veel sneller dan voorzien op zoek moeten gaan naar alternatieven voor de warmtevoorziening. Al deze ontwikkelingen maken de energietransitie tot een nog omvangrijker taak.

Lagere energieprijzen goed voor de portemonnee, maar slecht voor energiebesparing
Door een combinatie van factoren zijn de energieprijzen in Nederland laag. De economie groeit al sinds de crisis van 2008 in een lager tempo. Mede daardoor is er een overcapaciteit aan elektriciteitsproductievermogen. Door de lage kolenprijzen, relatief hoge gasprijzen en lage prijzen voor emissierechten staat een groot deel van de gascentrales “in de mottenballen”. De elektriciteit die in Duitsland wordt opgewekt met wind en zon heeft ook effect op de Nederlandse stroomprijzen door export van goedkope stroom naar Nederland als er een overschot is. Ook de olieprijzen zijn de afgelopen tijd sterk gedaald doordat de productie de vraag overtreft. De lage energieprijzen zijn gunstig voor de portemonnee van huishoudens en bedrijven. Lage energieprijzen maken het nemen van energiebesparende maatregelen echter minder aantrekkelijk.

Nederland steeds minder aardgasland
Dat aardgaswinning in Groningen tot aardbevingen leidt heeft een grote invloed op de gasvoorziening in Nederland. De minister heeft besloten de winning verder terug te schroeven. Dit zal tot lagere aardgasbaten voor de overheid leiden. Het roept de vraag op hoe we met een lagere gaswinning om moeten gaan. Naast het op peil houden van het aanbod door meer import kan de lagere winning een extra stimulans zijn om te besparen op het gasverbruik en zo de emissies van de broeikasgassen beperken. Eén van de mogelijkheden om te komen tot minder verbruik is door woningen niet meer op het aardgasnet aan te sluiten. Dat kan als een gebouw goed is geïsoleerd en wordt verwarmd met elektrische warmtepompen. Elektrisch koken is al eerder ingeburgerd, dus daar is gas al langer niet meer voor nodig. Stadsverwarming is ook een mogelijkheid, net als groen gas.

Inpassing energietechnieken vergt draagvlak
Sommige vormen van hernieuwbare energie leiden tot weerstand, zoals de plaatsing van windparken op land of voor de kust. Andere mogelijke bijdragen aan broeikasgasemissiereductie zoals ondergrondse CO2-opslag, de inzet van biomassa of kernenergie wekken ook tegenstand op, zo ook de winning van schaliegas. Dat laat zien dat de energietransitie, die onder andere gepaard gaat met hernieuwbare opwektechnieken met een groot ruimtebeslag, een grote opgave is waarbij draagvlak in de samenleving van groot belang is. Het Energierapport dat begin 2016 is verschenen is dan ook gevolgd door een nationale energiedialoog. Een bijlage bij het Energierapport van onderzoeksbureau Motivaction laat overigens zien dat publieke opinie positief is over de verduurzaming, al wordt het aan het aandeel van duurzame bronnen wel veel hoger ingeschat dan feitelijk het geval is.

Aandeel hernieuwbare energie groeit, lagere overheden hebben een belangrijke rol
De hoeveelheid zonnepanelen op daken blijft sterk groeien. Ook het aantal windturbines op land neemt toe. Het aandeel hernieuwbaar zal de komende jaren ook verder groeien door de inzet van biomassa en de aanleg van windparken op zee. Elektrische auto’s, die een belangrijke rol kunnen spelen in het verduurzamen van de energievoorziening omdat een steeds groter deel van de elektriciteit uit hernieuwbare bron zal komen, blijven ook in aantal toenemen. Er zijn tal van lokale initiatieven zoals de Lokale Energiemonitor laat zien. Beleid op het gebied van de energietransitie wordt steeds meer regionaal en lokaal, mede door het Energieakkoord waarin de provincies en gemeenten medeondertekenaars waren. Op gemeentelijk en provinciaal niveau zijn vele projecten gaande, en beiden hebben hun verantwoordelijkheid voor het in goede banen leiden van de vaak ruimte-intensieve hernieuwbare energievoorziening.

Toename van zon en windenergie blijken nog steeds inpasbaar
Door het toenemend aandeel flexibele productie van elektriciteit uit wind en zon wordt het steeds belangrijker goed om te kunnen gaan met dit wisselende aanbod. Dat verloopt vooralsnog goed: het groeiende aandeel variabele bronnen leidt niet tot een lagere betrouwbaarheid van de elektriciteitslevering. Het opvangen van wisselend aanbod kan onder meer door de conventionele productie uit kolen en gas mee te laten bewegen. Andere mogelijkheden zijn het verhogen van de capaciteit van distributienetwerken binnen Nederland, het verhogen van transportcapaciteit met het buitenland, de vraag naar elektriciteit mee laten bewegen met het aanbod en opslag van elektriciteit. Er lopen proefprojecten voor opslag van elektriciteit in elektrische auto’s waarbij de auto ook elektriciteit terug kan leveren aan het net. Het kan financieel voordelig zijn om in extreme gevallen een klein deel van de opgewekte elektriciteit niet te benutten. Slimme meters kunnen, naast het bieden van inzicht in het energieverbruik, een rol spelen in het reageren op actuele energieprijzen. De opgave is om vanuit maatschappelijk perspectief de optimale mix van maatregelen te nemen om de fluctuaties aan te kunnen. Wat hiervoor mogelijk en nodig is wordt op dit moment door de betrokken partijen onderzocht.

Bereiken doelen Energieakkoord blijft de inzet

Een deel van de doelen van het Energieakkoord dat in 2013 is gesloten is binnen bereik: het besparingstempo, de hoeveelheid netto werkgelegenheid en het aandeel hernieuwbare energie van 16% in 2023. Het doel voor het aandeel hernieuwbare energie van 14% in 2020 wordt volgens de doorrekeningen met het aanvankelijke maatregelenpakket niet gehaald. In reactie hierop zijn eind 2015 aanvullende afspraken gemaakt. Die afspraken gaan over het tijdig halen van de doelen voor windenergie op land en stimuleringsmaatregelen voor hernieuwbare warmte. Ook het doel van 100 PJ extra besparing is haalbaar maar wordt met de huidige maatregelen nog niet ingevuld. De Energieakkoord-partners blijven maatregelen treffen om de doelen van 2020 te halen. Zo wordt in het najaar van 2016 mogelijk besloten tot de invoering van een besparingsimpuls of -verplichting. De doelen voor hernieuwbare energie in 2020 en de 100 PJ besparing komen daarmee wellicht in zicht.

Hoe verder na Parijs?
In december 2015 is het internationale klimaatverdrag gesloten. Voor het eerst hebben bijna alle landen toezeggingen gedaan over hun bijdrage aan het verminderen van broeikasgasemissies. Ook de twee landen met de meeste uitstoot, de Verenigde Staten en China, hebben toezeggingen gedaan. Het verdrag is een grote stap voorwaarts voor het mondiale klimaatbeleid. In de Europese Unie zal het akkoord van Parijs invloed hebben op de herziening van richtlijnen voor energiebesparing en hernieuwbare energie en de doelen voor 2030. De energiedialoog gaat over het Nederlandse energiebeleid na 2023, het laatste jaar waarvoor het Energieakkoord doelen heeft gesteld, en op dat beleid zal het akkoord van Parijs ook van invloed zijn. (…)’

Enkele conclusies uit het cijfermateriaal

  • Het elektriciteitsverbruik daalt eindelijk (sins 2012/2013)
  • Veruit de grootste energieverbruikers per huishouden zijn de cv-ketel en de auto
  • 85% van de huishouden verwarmt op aardgas
  • De Nederlander staat positief tegenover de verduurzaming van de energievoorziening
  • De Nederlander denkt dat we al veel verder zijn met de verduurzaming dan het geval is
  • 15% van de huishoudens wisselde in 2015 van energieleverancier
  • 300.000 huishoudens hebben zonnepanelen. Het aantal blijft sterk groeien.
  • Nederland heeft ruim 90.000 elektrische auto’s.
  • Nederland heeft al meer dan 2 miljoen slimme meters
  • De steden met de meeste woningen met stadsverwarming zijn: Rotterdam, Almere en Utrecht
  • Slechts 6% van de Nederlandse woningen is gasloos
  • Nederlanders betalen veel voor hun aardgas in vergelijking met buurlanden
  • Het energieverbruik van de bedrijven daalt sinds 2011 (vooral door de economische stagnatie)
  • De bedrijven in de chemie en de glastuinbouw zijn de grootste verbruikers
  • De CO2-emissiehandel heeft nog effect gehad op de CO2-uitstoot
  • Gecombineerd opwekken van elektriciteit en warmte concurreert met duurzame warmte
  • Nederland is een handelsland voor energie en ondanks de terugloop in de gaswinning blijft Nederland een exportland van gas
  • De energiehandel is twee keer groter dan het gebruik in Nederland
  • In 2015 werd er 32% meer steenkool ingezet bij centrales dan in 2014.
  • Meer dan 40% van de geleverde stroom is groen
  • Groei in import biomassa en export biobrandstoffen
  • In totaal ligt er ruim 400.000 kilometer aan kabels en leidingen in Nederland
  • 30% van de storingen op het gasnet komen door veroudering, 21% door graafschade
  • 26% van de storingen op het laagspanningsnet komt door graafschade
  • In 2015 zijn 4.500 hennepkwekerijen opgerold waar sprake was van energiediefstal. Bij de in 2015 opgerolde hennepkwekerijen is voor 139 miljoen kWh aan elektriciteit gestolen. Elke klant betaalt jaarlijks 3 euro mee aan energiediefstal.
  • Netbeheerders investeren 2 miljard euro per jaar
  • Wind op zee: 4.458 MW gerealiseerd of in aanbouw of ontwikkeling
  • Als het Nederlandse gasverbruik gelijk zou blijven moet er vanaf 2025 per saldo gas worden geïmporteerd (bij huidige winningsplannen).
  • Aandeel aardgas in elektriciteitsproductie daalt, aandeel steenkool stijgt (vermoedelijk tijdelijke toename)
  • Het aandeel hernieuwbare energie in de elektriciteitsopwekking neemt gestaag toe, en bedroeg in 2015 11% van het verbruik.
  • Het aandeel hernieuwbare elektriciteit is in Nederland bescheiden ten opzichte van buurlanden
  • De laatste paar jaar is de productie van hernieuwbare elektriciteit minder sterk gegroeid. Dit was het gevolg van een terugvallende bijdrage van bij- en meestook van biomassa in centrales.
  • Meer dan twee derde van de warmte die door stadsverwarmingsnetten wordt geleverd is afkomstig van elektriciteitscentrales.
  • Nederland, Luxemburg en het Verenigd Koninkrijk zijn de landen die na 2014 nog meer dan de helft van hun doel voor hernieuwbare energie moeten realiseren.
  • In de periode 1995 – 2015 is het windvermogen in Nederland toegenomen van 250 MW naar 3031 MW, een gemiddelde groei van 13% per jaar. In de periode 2001 – 2008 was het gemiddelde groeitempo met 22% per jaar het hoogst.
  • Afvangen en opslaan van CO2 komt nog niet van de grond

Vooruitblik met betrekking tot stroomproducenten

Energietrends bevat ook een vooruitblik:
‘(…) Elektriciteitsproducenten gaan de CO2-uitstoot sterk verminderen
Zowel energiebedrijven als maatschappelijke organisaties en overheden maken langetermijnscenario’s. De toekomstige elektriciteitsproductie in Europa is in veel studies verkend. Vrijwel alle studies achten het mogelijk dat de CO2-uitstoot drastisch wordt verlaagd. Er is dus weinig twijfel dat in de elektriciteitsproductie grote veranderingen gaan plaatsvinden. Vergeleken met transport, industrie of de gebouwde omgeving zijn voor vermindering van uitstoot in de elektriciteitssector relatief veel bewezen technieken beschikbaar. Voor het halen van klimaatdoelen ligt het daarom voor de hand een groter beroep op de elektriciteitssector te doen dan op andere sectoren. (…)’

schermafdruk-2016-09-14-07-47-15

Bronnen
Netbeheer Nederland, 13 september 2016: ‘Energietrends 2016’: Nederlandse energievoorziening in cijfers
Rapport ‘Energietrends 2016’ (pdf-versie, 90 pag.)
Speciale website voor Energietrends

Auteur: Redactie

Reageren op dit artikel is niet mogelijk.