CO2-opslag Rutte III komt vooral fossiel ten goede

ANALYSE – De capaciteit voor de 18 megaton CO2 die de coalitiepartners willen afvangen en opslaan, wordt door Shell, Total en Statoil al gebouwd op het Noors continentaal plat. Het kabinet wil overleggen met bedrijven in de havengebied van Rotterdam en Amsterdam en in het Westland, stelt het regeerakkoord voor Rutte III, maar tot nu toe leidden Nederlandse pogingen tot CO2-opslag slechts tot protest en afgelaste plannen. 

Om in 2030 aan hun voorgenomen CO2-reductie van 49 procent te kunnen voldoen, willen de coalitiepartners 20 megaton CO2 af gaan vangen en op gaan slaan. 18 megaton in de industrie, en 2 in de energie: gemiddeld ongeveer 1,5 megaton per jaar. In Nederland hebben pogingen daartoe slechts geleid tot dure, onuitvoerbare projecten, maar Shell, Statoil en Total willen een CO2-opslagfaciliteit bouwen op het Noors continentaal plat. Capaciteit: 1,5 megaton per jaar.

Werd belastinggeld eerder gebruikt om de banken overeind te houden, volgens het dinsdag gepresenteerde regeerakkoord lijkt het nu ingezet te worden om CO2 onder de bodem te schuiven. Oliebedrijven als Shell zouden er dan met een dubbele buit vandoor kunnen gaan: eerst werden ze rijk door onbestraft hun omgeving te vervuilen, straks krijgen ze wellicht betaald om hun rotzooi weer op te ruimen. Is dat erg, of vooral erg effectief?

CO2-opslag verdrukt hernieuw

Ondanks de berichten van het Global Carbon Capture and Storage Institute (GCSSI) eerder dit jaar, gaat koolstofdioxideopslag in Nederland wel degelijk ten koste van hernieuwbare bronnen, vrezen de Nederlandse Vereniging van Duurzame Energie en Energie Nederland. In reactie op het regeerakkoord van Rutte III stellen ze  de keuze voor CO2-afvang en -opslag (CCS) de groei van hernieuwbare energie beperkt

Ook in de industrie zelf werd niet erg enthousiast gereageerd. In De Telegraaf noemt Hans Grünfeld, directeur van de VEMW, belangenbehartiger voor zakelijke energieverbruikers, de plannen voor CO2-opslag (CCS) ‘absoluut onrealistisch’. Bovendien vindt ook hij het jammer dat de energietransitie niet wordt verbonden aan de industrietransitie. “Voor de grootschalige elektrificatie van de industrie die nodig is, is ook heel veel groene stroom nodig. Maar die link is niet gelegd.”

Subsidie op CCS ≈ subsidie op fossiel?

Een subsidie voor CO2-opslag is strijdig met het beginsel dat de vervuiler betaalt, stelde Greenpeace campagneleider Joris daags na het verschijnen van het regeerakkoord in het FD. Het opslaan van CO2 stelt de producenten van fossiele energie immers in staat door te kunnen produceren zonder zich veel te hoeven bekommeren om de uitstoot van CO2. Hoe hoger de prijs voor CO2, hoe meer het oplevert de uitstoot niet te betalen, maar onder de grond te stoppen. (Of in een alternatief scenario: te hergebruiken. Door CO2 te hergebruiken als grondstof kunnen onder meer alternatieve brandstoffen en isolatiematerialen worden gemaakt: Carbon Capture Utilization: CCU. Maar daarover rept het regeerakkoord nog met geen woord.)

Een maatschappij als Shell pleit niet alleen voor CO2-opslag, maar ook voor een goede prijs op CO2, die de industrie de impuls zou moeten geven om te vergroenen. Het regeerakkoord stelt de minimumprijs in 2020 voor de energiesector op 18 euro per ton CO2-uitstoot. In 2030 moet dat bedrag zijn opgelopen tot 43 euro per ton, ongeveer het bedrag waar Shell intern rekening mee houdt.

Staal, chemie, kunstmest en plastic

Hoewel Nederland internationaal heeft afgesproken geen subsidies aan de fossiele sector te geven, steunt het die jaarlijks nog altijd met 7,6 miljard euro, becijferden het Overseas Development Institute (ODI) en Climate Action Network Europe (CAN-Europe) onlangs. Wie de SDE+ regeling voor CCS ook ziet als een subsidie op fossiel, kan daar straks een aanzienlijk deel van de opslag duurzame energie (ODE) – waar de SDE+ mee gefinancierd wordt-, bij optellen.

Waarom kiest Rutte III ondanks alle bezwaren, burgerprotesten en het terugtrekken de betrokken marktpartijen voor deze manier om aan haar CO2-doelstellingen te voldoen? Met name de staal, chemie, kunstmest en plastic-industrie zouden niet zonder fossiele brandstoffen kunnen, stelt het zegt het GCCSI, dus blijft er altijd CO2 vrijkomen. Zij baseren zich op berekeningen van het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC), dat destijds concludeerde dat het zonder CCS onmogelijk is om op tijd voldoende CO2-reductie te realiseren.

Oude ramingen

Of het echt zo effectief is, weten ook de voorstanders niet: veel CCS-opstellingen verkeren nog in een start fase en hun verdienmodel is sterk afhankelijk van lokale omstandigheden. Momenteel opereren wereldwijd 17 grootschalige faciliteiten die samen meer dan 30 miljoen ton CO2 per jaar zouden opslaan, stelde het GCSSI deze zomer. Dat is nog niet het dubbele van wat een klein landje als Nederland wil opslaan. Een schoonheidsprijs verdient CCS niet, erkennen zelfs de voorstanders, het blijft een beetje een armoedebod, een wanhoopszet.

Tegenstanders concluderen echter dat ramingen als die van het IPCC inmiddels allang weer achterhaald zijn, en er inmiddels nieuwe, schonere en effectievere technieken zijn ontwikkeld. Van CO2 kan je nieuwe bouwmaterialen en brandstoffen maken, zon heeft alle verwachtingen verbroken, opslagtechnieken rondom waterstof, mierenzuur, warmtenetten en zoutbatterijen vertrappelen elkaar om door te kunnen groeien. Dat zou de vervuilende fossiele energie ook voor veel industriële toepassingen overbodig kunnen maken. Om op te kunnen schalen hebben ze alleen nog geld en een consistent beleid nodig: steun die nu naar CCS gaat.

Bronnen:

  • FD, 10 oktober 2017, ‘Nieuw kabinet zet vol in op opslag van CO₂’
  • De Telegraaf, 10 oktober 2017, ‘Industrie verbijsterd over opslag co2’

Lees ook:

Foto:  Protest tegen ondergrondse CO2-opslag, FluxEnergie/© Paul Tolenaar

Auteur: Redactie

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.